Twee verschillende plannen met een eigen doel
In het beheer van appartementsgebouwen worden de termen Meerjarenonderhoudsplan (MJOP) en Renovatiemasterplan regelmatig door elkaar gebruikt. Toch hebben beide plannen een fundamenteel verschillende doelstelling, tijdshorizon en methodologie.
In een uitgebreid interview met het CIB (de Confederatie van Immobiliënberoepen) legt Jacob Van de Moortel, CEO van Trema, uit waarom een moderne VME beide instrumenten nodig heeft om zowel operationeel als strategisch gezond te blijven.
Het Meerjarenonderhoudsplan (MJOP): instandhouding en voorspelbaarheid
Het MJOP is in essentie gericht op instandhouding. Het beantwoordt de vraag: “Wat moeten we de komende 10 tot 15 jaar doen om ons gebouw in een technisch veilige, betrouwbare en goed werkende staat te houden?”
- Focus: Cyclusmatig onderhoud en tijdige vervanging van bestaande onderdelen (bijv. liftherkeuring, herschilderen van traphallen, vernieuwen van de dakbedekking met gelijkwaardig materiaal).
- Wettelijke basis: Verplichting van het reservefonds (art. 3.99 van het Burgerlijk Wetboek), waarbij jaarlijks minstens 5% van de werkingskosten gereserveerd moet worden.
- Resultaat: Geen plotse financiële schokken voor mede-eigenaars; onderhoudskosten worden gelijkmatig gespreid in de tijd.
Het Renovatiemasterplan: transitie naar 2050 en energielabel A
Waar het MJOP kijkt naar wat er vandaag is, kijkt het Renovatiemasterplan naar waar het gebouw in 2050 moet staan. Tegen 2050 moeten immers alle appartementsgebouwen in Vlaanderen voldoen aan het energiezuinige EPC Label A.
- Focus: Diepgaande energetische en structurele renovatie (gevelisolatie, driedubbel glas, fossielvrije centrale verwarming zoals collectieve warmtepompen, zonne-energie en ventilatiesystemen).
- Geen ‘lock-in’ effecten: Het masterplan voorkomt dat de VME vandaag investeert in een nieuwe condensatiegasolie- of gasketel, waardoor een overschakeling naar een warmtenet of warmtepomp over vijf jaar onmogelijk wordt.
- 60% Overheidssubsidie: Omdat Trema een door het VEKA erkend studiebureau is, genieten VME’s vanaf 15 eenheden tot 60% subsidie op de studiekosten van dit masterplan (met een maximum van €12.000).
De synergie: hoe versterken beide plannen elkaar?
Het geheim van een succesvol patrimoniumbeheer zit in de kruisbestuiving tussen beide plannen. Wanneer uit het MJOP blijkt dat het dak binnen drie jaar aan vervanging toe is, zorgt het renovatiemasterplan ervoor dat er niet zomaar een nieuwe bitumenlaag wordt gelegd, maar dat het dak direct wordt voorzien van 16 cm PIR-isolatie conform de 2050-standaard.
Zo combineert de VME onderhoudskosten met energetische meerwaarde en bespaart ze tienduizenden euro’s aan dubbele stellingen en herstellingswerken.
Conclusie
Het MJOP en het Renovatiemasterplan zijn geen concurrenten, maar twee zijden van dezelfde medaille. Het MJOP zorgt voor de operationele rust vandaag; het Renovatiemasterplan garandeert de vermogenswaarde en energie-efficiëntie van uw vastgoed morgen.